Inleiding:
De concurrentiepositie van een onderneming geeft het succes aan
waarmee die onderneming in de markt opereert. Om die concurrentiepositie te behouden en te
verbeteren, wordt veel aandacht besteed aan time-to-market, kostprijs van het product,
levenscycluskosten en kwaliteit. Het is algemeen bekend dat nieuwe werkwijzen welke
gebaseerd zijn op samenwerking tussen bedrijfsfuncties en -disciplines, bijdragen aan
betere resultaten op deze punten.
Vergelijk het eens met een situatie die iedereen wel
kent: tot voor kort werd het nog als briljant gezien om iets dat verkeerd ontworpen was,
alsnog passend te krijgen. Meestal werd dit dan niet gecommuniceerd met de
ontwerpafdeling. Een klassiek staaltje van non-communicatie dat leidt tot verlaging van de
kwaliteit, kostenverhoging en productiviteitsverlies.
De nieuwe werkwijzen, waarbij dankzij de structurele
samenwerking optimaal van aanwezige kennis gebruik wordt gemaakt, gaan over
bedrijfsgrenzen heen. Immers, steeds vaker trekken bedrijven zich terug op hun
kernactiviteiten en er wordt steeds meer uitbesteed aan partners (co-designership en
co-makership). Een belangrijke nieuwe trend die hierbij komt, is dat partners een grotere
rol spelen bij het ontwerp van het product. Opdrachtgevers verstrekken functionele
specificaties: en besteden minder tijd en geld dan voorheen aan het in detail uitwerken
van technische specificaties. Hiermee ontlopen ze tevens een stuk ontwikkelingsrisico.
Liever maakt men gebruik van de expertise van de partner. Deze partner, mits gespitst op
nieuwe kansen en uitdagingen, grijpt deze kans op het vergroten van zijn toegevoegde
waarde. Ook wordt de partner steeds meer systeem- dan componentleverancier. Hoewel het
aantal bedrijven dat betrokken is bij de ontwikkeling en fabricage van een product gelijk
blijft, neemt het aantal toeleveranciers waarmee de eindproducent direct relaties
onderhoudt sterk af. Er ontstaat een netwerk van bedrijven die betrokken zijn bij de
productontwikkeling en -realisatie. Voor de eindfabricant wordt de afstand tot de meeste
van deze bedrijven vergroot.
Zo'n netwerk kan alleen functioneren door middel van een
hoogwaardige informatie- voorziening. Deze informatievoorziening is niet anders denkbaar
dan met moderne informatie-technologie. Papierstromen houden grote risico's in voor wat
betreft het bewaken van versies en het op tijd informeren van mensen over nieuwe versies
van documenten.
Cals:
Het geheel van nieuwe werkwijzen, moderne
informatie-technologie en afspraken over te hanteren standaards, staat internationaal
bekend als de CALS-strategie. CALS, dat staat voor Continuous Acquisition and Life-cycle
Support, dekt de complete levenscyclus van een product af, van offerte-fase tot en met de
gebruiksfase en de buitenwerkingstelling.
CALS staat een bepaalde manier voor om met informatie om
te gaan. Er wordt nu met name gebruik gemaakt van documentgebaseerde informatievoorziening
op basis van papier en neutrale tussenformaten (zoals IGES en DXF voor technische
tekeningen).
Modelgebaseerde
informatievoorziening:
Binnen de CALS-strategie staat modelgebaseerde
informatievoorziening centraal. Voorbeelden hiervan zijn productmodellen zoals die in STEP
worden gedefinieerd, ILS-databases (ILS: Integrated Logistic Support) voor logistieke
ondersteuning en het virtuele document. Het centrale idee achter modelgebaseerde
informatie voorziening is dat de gegevens op een voor iedereen toegankelijk plek worden
opgeslagen (hoeft niet noodzakelijk op één fysieke plaats) en onderling relaties hebben.
Neem bij voorbeeld een encyclopedie. Stel: gegevens-elementen worden vernieuwd, zoals een
stukje video, dan hoeft alleen dat bestandje met de video te worden vervangen, en alle
bestaande relaties zorgen ervoor dat het vernieuwde informatie-element toegankelijk is.
Het resultaat is dat iedereen op basis van toegekende autorisatie informatie kan inzien,
wijzigen of toevoegen. Informatievoorziening on demand.
Modelgebaseerde informatievoorziening biedt de
noodzakelijke mogelijkheden voor goed versiebeheer, autorisatiebeheer en hergebruik van
informatie. Wanneer nader wordt ingegaan op technische documenten, dan zijn binnen de
CALS-strategie duidelijke afspraken gemaakt over de wijze waarop de informatie beschikbaar
moet zijn. In een overzicht gezet, zien deze afspraken er als volgt uit.
Technische tekeningen
IGES (Initial Cxraphics Exchange Specification)
- ANSI/ASME Y14.26M
- MIL-D-28000 (IGES subset)
- DIN 66304 (IGES subset; ook
bekend als VDA-IS)
VDA-FS (VDA-Flächen Schnittstelle)
SET (Standard d'Echange et de Transfert)
STEP (STandard for the Exchange of Product model data)
Teksten en afbeeldingen
- SGML (Structured Generalized
Markup Language)
- IS0 8879
- MIL-M-28001B
Interactieve Elektronische Technische Handleidingen
(IETHS)
- HyTime (Hypermedia/Time-based
Structuring Language; ISO/IEC 10733
Grafische informatie
- COM (Computer Graphics
Metafile; vectorgebaseerd; ISO 8632)
- CCITT Group IV
(rastergebaseerd; CCM T.6)
Een compleet overzicht van CALS-standaarden en de
kwalificaties ten aanzien van gebruik is te vinden in het CALS Handboek dat eind 1995 door
het PDICALS Centrum is uitgebracht.
Pragmatische aanpak:
De software-industrie staat nooit onmiddelijk te springen
om nieuwe standaards te implementeren. Het is, in een beperkte visie, ook commercieel niet
interessant afspraken te maken over datastructuren. Dan kan de gebruiker namelijk maar al
te gemakkelijk overstappen naar het product van de concurrent. Enige pragmatiek is daarom
vereist.
Aansluiten bij de facto standaarden of gebruik maken van
producten die veruit dominant zijn op de markt, is vaak verstandig. Het formaat is, er van
uitgaande dat het voldoende functionaliteit kent, op zichzelf niet belangrijk. De
informatie moet toegankelijk zijn. Vooruitlopend op de ondersteuning door applicaties van
de CALS-formaten, zijn goede afspraken te maken over dataformaten. In een Windows-omgeving
zou je afspraken kunnen baseren op:
- OLE2 en OLE4D&M voor het
leggen van relaties tussen applicaties;
- WMF voor afbeeldingen (CGM
wordt overigens breed ondersteund);
- AVI voor video-beelden;
- HTML voor het maken van
interactieve documenten;
- etc.
De afspraken zijn belangrijk. Die moeten goed worden
vastgelegd en er moet, zeker in de beginfase van het werken met die afspraken, goed op
worden gecontroleerd. De praktijk leert dat bedrijven vaak te snel ja tegen een afspraak
zeggen, zonder zich te kunnen houden aan zo'n toezegging.
Het PDI/CALS Centrum werkt veel samen met de Nederlandse
industrie. Vanuit de ervaringen die worden opgedaan kunnen de volgende twee aanbevelingen
worden gegeven:
- Behandel informatie naar zijn waarde, het is uw
bedrijfskennis en daarmee de belangrijkste produktiefactor.
- Tracht bij de modernisering van uw bedrijf zoveel mogelijk
aan te sluiten bij mondiale afspraken zonder daarbij de dagelijkse praktijk uit het oog te
verliezen.
Begrippen en afkortingen:
- SGML: voor de structurering
van documenten of informatie voor onderhouds- en trainingshandboeken, compleet met
illustraties, op elke willekeurige computer en tekstverwerker, is de standaard SGML,
"Standard Generalized Markup Language", gekozen;
- CGM: voor het representeren
van grafische informatie in handboeken wordt de "Computer Graphics Metafile"
(CGM standaard gebruikt;
- HyTime: voor interactieve
electronische technische manuals (IETM), wordt de "Hypermedia/Timebased Structuring
Language "(HyTime), een toepassing van SGML, gebruikt voor de interactieve toegang
tot informatie inclusief geluid en Video voor toepassing in training en onderhoud;
- CCITT Group IV: voor het
zenden van beelden wordt de standaard voor geavanceerde digitale fax diensten, genaamd
"CCITT Group IV" gebruikt. Deze standaard zorgt ervoor dat beelden door een
computer kunnen worden verwerkt en bewerkt;
Voor het uitwisselen van (geometrische) gegevens tussen
CADICAM-systemen zijn de volgende standaarden beschikbaar:
- IGES: "Initial Graphics
Exchange Specification". Deze ANSI-standaard is door CALS-gemeenschap geadopteerd
voor de defensie-industrie;
- SET ("Standard d'Echange
et de Transfert") is ontwikkeld door het Franse Aérospatiale. In Frankrijk wordt
deze standaard het meest gebruikt;
- VDA-FS (Verband der Deutsche
Automobilindustie, FlächenSchnittstelle) is een gegevensformaat voor het uitwisselen van
vrij gevormde curves en oppervlakken tussen automobielfabrikanten en hun toeleveranciers.
VDA-FS is een Deutsche Industrie Norm (DIN);
DXF (Data Exchange Format) is gespecificeerd door
Autodesk Inc., producers van het CAD-pakket AutoCAD. DXF is noch een nationale noch een
internationale norm maar een "de facto" standaard. DXF wordt veelvuldig gebruikt
voor het uitwisselen van 2D technische tekeningen. |